Jack volgde een avontuurlijke omweg om bij ZJA terecht te komen. Eerst ontwikkelde hij zich tot tekenaar en schilder op de kunstacademie. Maar zijn liefde voor wiskunde speelde op en hij begon aan een studie informatica. Na een periode als editor van drama en documentaires voor cinema en TV ontmoette hij Rein Jansma. Bij ZJA konden zijn kennis en kwaliteiten samenkomen.

‘In het begin maakte ik vooral 3D visualisaties, filmpjes en loste wiskundige puzzels op. Maar meer en meer kon ik mijn programmeerkennis koppelen aan het ontwerpproces. Dat is zulk mooi gereedschap! De kracht van computational design is dat je een virtueel speelveld, een familie van mogelijke verschijningsvormen schept. Je kunt aan de hand van objectiveerbare grootheden vragen stellen aan het ontwerp. Om zoiets te kunnen maken moet je abstract inzicht in de hoofdzaken hebben, en dat levert hogere eenvoud op. Daar komen schoonheid, vernuft en elegantie samen. Wat eerst praktische storing en irritante complicatie lijkt, dwingt je tot grotere helderheid.’

Het avontuur is wat Jack trekt. Dat geldt voor deltavliegen en surf skiën, en ook voor waar hij nu aan werkt: met behulp van zijn programma’s constructieve uitvindingen ontwikkelen op het gebied van licht, energie, warmte en water.