Tussen Amsterdam en Almere

Het lijkt een rare vraag: kun je de infrastructuur van de noordelijke Randstad, tussen Diemen en Almere ingrijpend verbeteren, en tegelijkertijd het Hollandse landschap behouden en natuurwaarden versterken? De vraag wordt nog vreemder als blijkt dat het gaat om een traject van 23 kilometer, waarbij de A1 en de A6 extra rijbanen krijgen en er 50 bruggen, ecoducten, fietstunnels, fly-overs, viaducten en zelfs een aquaduct onder een rivier in het geding zijn. En toch kun je vaststellen dat het antwoord op die rare vraag ja kan zijn.

Dit complexe infrastructurele landschap is onderdeel van het plan de verbinding tussen Schiphol, Amsterdam en Almere te verbeteren en voor te bereiden op de toekomst. Het ontwerp voor dit onderdeel, waar ook nog eens mensen wonen, bedrijven staan en bewoners en bezoekers recreëren, kwam van ZJA Zwarts & Jansma Architecten in samenwerking met OKRA Landschapsarchitecten. Een van de bijzonderheden van dit uitzonderlijk grote project is dat van begin af aan, dus vanaf de eerste analyse van de vereisten en het voorlopige ontwerp, de architecten, technici, constructeurs, bouwers en opdrachtgevers aan tafel zaten zodat stap voor stap de plannen en eisen op elkaar konden worden afgestemd. Behalve een triomf van technische en architectonische inventiviteit is dit vernieuwde stuk Nederland een schitterend bewijs van de efficiency en intelligentie van de overlegcultuur. Zelfs de meest complexe en ambitieuze onderdelen werden ruim binnen de gestelde termijn voltooid.

Rust voor het oog

De automobilist die hier rondrijdt krijgt te maken met een overdaad aan op- en afritten, verkeersknooppunten, bruggen en onderdoorgangen. Gecombineerd met de vele rijbanen en de verkeersdrukte is dat zintuiglijk gesproken nogal een belasting. De belangrijkste beslissing voor de vormgeving is daarom te kiezen voor ingetogen en eenvormig, met eenvoudige terugkerende elementen. Hoe meer je de kans krijgt met het oog de verte te zoeken, het afwisselende landschap te ervaren, hoe beter.

Er zijn twee bruggen op het traject die de capaciteit van de weg vergroten en dat zo doen dat de beleving van het landschap wordt ondersteund. Het eerste is de nieuwe brug over het Amsterdam Rijn-kanaal. Drie gescheiden dekken maken een flauwe bocht over het water. En zo groot als de betonnen brug is, toch is hij in zijn kleur, vorm en het ritme van de pijlers, familie van de bestaande fietsbrug. De brughoofden en oevers zijn optimaal geïntegreerd in het groene landschap waar het kanaal doorheen loopt. De tweede brug met een toegevoegd landschappelijk aspect voegt vier rijstroken toe op een dek over het IJmeer naast de bestaande Hollandse brug. De nieuwe brug ligt net iets lager, om het vergezicht van de bestaande brug intact te laten. De gebieden voor en na de brug worden heringericht met onderdoorgangen, verbeterde groene zones, om de overgang van het oude land naar het nieuwe land, van gesloten en klein verkaveld, naar open en weids efficiënter en optimaal beleefbaar te maken voor automobilisten, fietsers en wandelaars.

De bocht in de rivier

Langs dit omvangrijke en complexe traject met nieuwe infrastructuur zijn twee hoogtepunten te vinden als het gaat om ontwerp, techniek en inpassing in het landschap. Dat zijn het aquaduct onder de rivier de Vecht en de spoorbrug bij Muiderberg.

De Vecht is een rivier, met een eigen landschap dat verschilt van de polders. De A1 kruist geen abstracte watermassa, maar een stuk rivierenlandschap, en het ontwerp is erop gericht die ervaring te versterken. De begroeide oevers met elzen, wilgen, berken en populieren, zijn breed gelaten en maken geluidswerende schermen overbodig. Zoveel mogelijk technische installaties (leidingen, signalen, camera’s, verlichting) zijn ingebouwd, zodat niets aan het aquaduct afleidt van de bijzondere ervaring onder een rivier door te schieten, met brede, groene oevers, compleet met een dijkweg en een ernaast gelegen provinciale weg. Verwondering over het moeiteloos ogende technische hoogstandje wordt aangevuld met de aanblik van een ongerept stuk rivier, die zich hier ongehinderd in een flauwe bocht in het landschap vlijt.

De zwevende spoorbrug

Het tweede hoogtepunt is de boven het landschap uit torenende spoorbrug, bijgenaamd de Zandhazenbrug, bij Muiderberg. Het is een verrassend gezicht. Meestal overspannen spoorbruggen een rivier, een baai of ravijn. Hier kruist een slanke boogbrug onder een scherpe hoek (27 graden) een 225 meter brede verkeersstroom van zestien rijstroken en is daarmee de grootste in zijn soort in Nederland. Met uitbreiding van het aantal rijstroken in de toekomst is al rekening gehouden. De aanblik die de brug biedt is open en rank, en verrassend licht van constructie, alsof hij boven het landschap zweeft. Deels is dat optisch, door de vorm en de hoek van de bogen en hun kleurcontrast met het dek. Maar deel is het ook een technisch hoogstandje door de toepassing van bijzonder hoge-sterkte-staal en het kleine aantal verbindingen. Wie met honderd kilometer per uur op deze brug afrijdt terwijl er een felgekleurde trein overheen schiet, krijgt een visuele en dynamische, ruimtelijke ervaring van monumentale kwaliteit.

Klant: Rijkswaterstaat
Opdrachtgever: SAAone (VolkerWessels, Boskalis, HOCHTIEF, DIF)
Landscape architect: OKRA Landschapsarchitecten
Jaar: 2017
Awards: De Zandhazenbrug, spoorbrug, Muiderberg is genomineerd voor de Nationale Staalprijs 2018.

Project: #686

Foto's: Rijkswaterstaat, Dutch Road Movies