Welstand verleende geen goedkeuring voor de eigen nieuwbouwplannen van Museum Het Rembrandthuis waarna Zwarts & Jansma werd gevraagd de gevel en de dakopbouw te ontwerpen.

Museum Het Rembrandthuis besloot het oorspronkelijke gebouw als stijlhuis in te richten en terug te brengen in de toestand waarin het verkeerde toen Rembrandt er woonde en werkte. De tentoonstellingsruimte voor de collectie, de bibliotheek, de museumwinkel en een nieuwe entree werden gepland in een uitbreiding.

Het naastgelegen negentiende-eeuwse Saskiahuis was in verval geraakt en werd inmiddels herontwikkeld en volledig herbouwd. In overleg met de ontwikkelaar werd het plan voor het Saskiahuis gewijzigd en werd de herbouwgevel zevenenhalve meter opgeschoven om plaats te maken voor de uitbreiding van het Rembrandthuis. Binnen dit reeds in aanbouw zijnde gebouw werd door de interieurarchitect van het museum het programma van de uitbreiding ondergebracht. Welstand verleende echter geen goedkeuring voor de nieuwe gevel en de omhulling van de dakopbouw. Uiteindelijk werd Zwarts & Jansma gevraagd de gevel en het dak te ontwerpen. De meest oppervlakkige opgave, in letterlijke zin, ooit aan het bureau gesteld.

De nieuwe gevel vormt de schakel tussen het zeventiende-eeuwse Rembrandthuis en het van oorsprong negentiende-eeuwse Saskiahuis. De gevel volgt de klassieke driedeling die overal in Amsterdam is te vinden. De uitbreiding heeft een transparante onderbouw met daarin de entree. Het middendeel is gesloten en beschermt de lichtgevoelige etsen en tekeningen van Rembrandt in de tentoonstellingsruimte. Ter plaatse van deze afgesloten ruimten bestaat de gevel uit gevouwen, koperen platen. De in doorsnede zigzaggende gevelbekleding vormt horizontale lamellen, die naar boven toe groter worden. De naar boven toe breder wordende koperen gevel volgt de naar voren hellende gevel, net als het oude, op vlucht gebouwde Rembrandthuis.

De beëindiging van de gevel wordt ingeleid door de horizontale raamstrook waarachter kantoorruimte ligt en de opengewerkte natuurstenen kroonlijst. De bibliotheek en de ruimte voor de technische installaties zijn in een terugliggende dakopbouw gesitueerd. Het naar achteren toe trapsgewijs oplopende dak is bekleed met zink.

De gevel wordt in drieën verdeeld door verticale stroken natuursteen. Op de gevouwen koperen platen is een detail uit een ets van Rembrandt gestraald en verbronsd, als verwijzing naar de functie van het gebouw en de prenten die achter de gevel worden getoond. Op de schaal van de gevel wordt deze uitvergrote kopergravure van de schilder een bijna abstract patroon. Vanuit één standpunt op de tegenoverliggende stoep is het detail van de originele gravure herkenbaar. De verdraaiing van de zigzaggende koperen gevelbekleding is hierop afgestemd.