Waar de stad groeit en knelt

De ambitie voor het gebied rond Zuidas in Amsterdam was, zoals het echte stadsuitbreidingen betaamt, een gooi naar het hoogste: vanuit een ideaal ten opzichte van stad en luchthaven gelegen zakenwijk een nieuw stadscentrum te bouwen, waar ook gewoond, gestudeerd, gerecreëerd, gewinkeld en gesport wordt. Om in de toekomst het noordelijke deel van de Randstad en Amsterdam goed bereikbaar te houden, zijn ingrepen in het gebied rond Amsterdam Zuidas cruciaal. Het was wel een puzzel om voor al die zaken een goede ruimte te vinden, aangezien er zo ontstellend veel verkeersstromen bij elkaar komen. De bevolking van de stad groeit en wordt steeds mobieler, de rol van de auto is aan snelle verandering onderhevig en de internationalisering van de Amsterdamse economie maakt de verbinding met Schiphol en, via het hogesnelheids-spoor, met Londen, Brussel, Parijs, Frankfurt en Berlijn steeds belangrijker.

Het treinverkeer in de Randstad en vooral rond de stations Schiphol en Amsterdam Zuid zal de komende decennia sterk groeien. ProRail verwacht een gestage toename die klimt van 80.000 tot 250.000 reizigers per dag.

Niet alleen de Ring A10 en het spoor, ook fietsroutes, bus-, tram- en metrolijnen komen er samen. De complexiteit van dit gebied en de stormachtige ontwikkelingen in economie, technologie en mobiliteit maken het noodzakelijk bij het denken over Zuidas te beginnen met een visie op station Amsterdam Zuid. Een ontwerp dat aan de infrastructurele eisen van de komende decennia tegemoet komt, maar ook klopt in het idee van een nieuw stadscentrum. Dat alles vereist over zes kilometer een verbreding van de snelweg, tot twaalf rijstroken, het scheiden van doorgaand en bestemmingsverkeer en het overdokken van de A10 om ruimte te scheppen voor de uitbreiding van Station Amsterdam Zuid.        

De visie

Iedereen was het erover eens dat de A10 de belangrijkste barrière was, die Zuidas in zijn ontwikkeling belemmerde. Vandaar het voornemen de verbrede snelweg te verzinken en te overdokken, zodat er een verbinding van een kilometer breed ontstaat met Amsterdam Zuid. De uitbreiding en vernieuwing van Station Amsterdam Zuid komt daar nog eens bij. Die zijn niet alleen noodzakelijk voor het faciliteren van de groei van het nationale treinverkeer, maar ook om de ambities van de groei van het internationale treinverkeer mogelijk te maken.

Het programma waarin dit wordt gerealiseerd heet Zuidasdok en het ontwerp voor de tunnel, het nieuwe station en de stadsomgeving daaromheen komt van het architecten-consortium dat bestaat uit ZJA, Team V Architectuur en BoschSlabbers Landschapsarchitecten.

De inspiratie voor het ontwerp vond het architecten-consortium in de geschiedenis van het gebied in de eerste helft van de twintigste eeuw. Het was een stedelijk randgebied waar werd gewandeld, waar de jongens uit de stad gingen vissen. Langs de Zuidelijke Wandelweg werd gepicknickt. Hier hadden de eerste voetbalclubs hun velden, hier stond van oudsher het circus als het naar de stad kwam. Oftewel een mengsel van oud agrarisch landschap, zoals Rembrandt het nog had getekend, en een groene recreatiezone. De kernfunctie van het gebied was om ruimtelijk en zintuiglijk ervaringen te bieden die de stress van het stedelijk leven in industriële tijden verminderde.

Met dit in gedachten is het ontwerp voor de corridor met zijn verzonken snelweg, nieuwe stadsplein en station vormgegeven. Het doel was om zoveel mogelijk groen, rust, helderheid en verblijfskwaliteit te brengen in een omgeving die al gauw een stressvolle overdaad aan drukte, geluid, steen en verkeer bevat. De extra ruimte en de overdekte snelweg dragen ook bij de vermindering van geluidsoverlast en een betere luchtkwaliteit.

De groene corridor

Het gebied waar dit alles zich afspeelt is een oost-west corridor tussen de uiteindes van twee van de beroemde groene scheggen die het stedelijk gebied van Amsterdam doorsnijden. In het westen is dat Het Amsterdamse Bos en de Nieuwe Meer met de sportvelden aan de stad, in het oosten de groene zone rond de Amstel, van Somerlust, Amstelglorie, de begraafplaats Zorgvlied, tot het Amstelpark en als toegift het Beatrixpark.

In het ontwerp wordt de snelweg aan weerszijden van de tunnel voorzien van gebolde taluds waar acacia en appelbomen staan, begroeide geluidschermen, zodat de wirwar aan op -en afritten deels achter groene coulissen verdwijnt. Door die groene en gevarieerd beplante berm gaat dit verkeersgebied vloeiend over in het Beatrixpark en de sportvelden aan het andere uiteinde van de corridor.

Het landschap is noodzakelijkerwijs getrapt door de verschillende niveaus voor treinen, trams, auto’s en voetgangers, en dat wordt optimaal benut om in combinatie met groene daken, plantsoenen en struiken een parkomgeving op te roepen.

Het station als stadsplein

Een van de hinderlijkste problemen in de huidige situatie is dat de versteende omgeving van Zuidas tekort schiet in de afvoer van regenwater, zodat er veel wateroverlast ontstaat in en om het station. Het aanleggen van meer groene bermen, plantsoenen en begroeide daken is gunstig, maar onvoldoende. In het ontwerp van ZJA, Team V Architectuur en BoschSlabbers Landschapsarchitecten is een watertuin voorzien aan de zuidkant van het gebied, die in combinatie met een ondergronds waterbassin en aansluiting op waterstromen in de omgeving een grote verbetering belooft. Bovendien voegt het een levendig en aantrekkelijk element toe aan de pleinachtige stationsomgeving.

Het station is de plek waar fietsers overstappen op het openbaar vervoer. Omdat het station dat als hart van dit stedelijk gebied functioneert geen achterkant heeft, alleen maar voorkanten en de fietsers van alle kanten aankomen, zijn er aan weerszijden twee fietsstallingen, zowel overdekt als niet overdekt, in het gebied gesitueerd.

Wie komt aanlopen krijgt de indruk dat het station een kruising is tussen een overdekt winkelcentrum, een passage en een station. Dat komt door de slanke luifels, de brede doorgangen, de lichte constructies en rustige zacht-grijze kleuren van het ontwerp. Aan de zijkanten kun je naar de sporen of de trams en bussen. Vanaf de perrons zie je een groene beeldentuin, fietspaden in het groen die naar het park leiden. In het station zijn winkels en kiosken, erbuiten aan de getrapte pleinomgeving, tussen de bomen kun je op een terras zitten. Een omgeving heeft het vermogen stedelijke stress te verminderen als je er graag even blijft, omdat het er aangenaam is, afwisselend, levendig, maar met rust voor een drankje, een gesprek, even winkelen.

Als de verkeersstromen deels onzichtbaar voor elkaar zijn, steeds voldoende ruimte hebben en elkaar nergens onnodig kruisen is er zelfs aan de Zuidas een hoop ruimte. Of je nu alleen reiziger bent, voor je werk, je studie in de buurt moet zijn of er woont, dit ontwerp biedt een groene, overzichtelijke en veilige omgeving waar je winkelt, wat eet en drinkt of een tijdschrift leest op een terras aan de watertuin, zonder last te hebben van de enorme verkeersstromen die in Zuidas bij elkaar komen. Wie met de auto langs de groene snelweg rijdt zou nog net een glimp kunnen opvangen van de toppen van de bomen op het stationsplein, voordat de wagen de tunnel induikt. Dat roept mogelijk een nieuwsgierig verlangen op naar een uurtje rondhangen in dit nieuwe deel van de stad.

Awards
Nominatie: World Architecture Festival (WAF) Award 2018

Klant: Het project Zuidasdok is een samenwerking tussen Rijkswaterstaat, ProRail en gemeente Amsterdam. Rijkswaterstaat treedt op als aanbestedende dienst. De opdrachtgevers van het project zijn het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Provincie Noord-Holland, Vervoerregio Amsterdam en Gemeente Amsterdam.

Architecten: ZJA, Team V Architectuur, Bosch Slabbers Tuin- en Landschapsarchitecten
Jaar: 2017 - Lopend

Project: #0820