Sport- en recreatiegebied Stadsbroek ligt in een relatief open en groen landschap. Het grenst aan het Asserbos en bestaat uit verschillende sportvelden. Sporthal Stadsbroek is gesitueerd aan het einde van de hoofdontsluiting van dit gebied. Vanwege haar centrale ligging zal het gebouw zich manifesteren als een ‘voorgevel’ en entree voor het achterliggende gebied. Door als uitgangspunt van ontwerp te kiezen voor een sporthal die nauw aansluit bij haar omgeving wordt het groene karakter van de omgeving niet alleen gerespecteerd, maar ook versterkt.

Vaak levert de opgave een sporthal te ontwerpen een groot, hoog en gesloten volume op. Naar onze mening past deze vorm niet bij de ambitie die speelt in Stadsbroek. We beogen daarom met ingrepen op het gebied van schaal en materialisering een ingetogen gebouw te maken en zoeken naar de meest adequate inpassing in de omgeving.

We maken het volume minder massief door het op te delen in drie delen. Op straatniveau bevindt zich het ‘leefniveau’, daarboven de ‘tussenzone’ en bovenin het ‘technische niveau’. Met het opdelen van het volume in horizontale banen krijgt het project een menselijke schaal. Daarnaast geeft het de mogelijkheid om onderdelen als kleedkamers en andere ondersteunende functies op een integrale wijze in het ontwerp te verwerken, zonder dat deze als losse doosjes aan het grote hoofdvolume zijn geplakt.

Ook in de materialisering van de gevel zoeken we naar een manier om het formaat van het gebouw te breken. Zo krijgt het een aangenamere schaal die beter aansluit bij de omgeving. De onderste gebouwlaag bestaat uit metselwerk en de laag daarboven is bekleed met geprofileerd staalplaat. De grote muuroppervlakken worden gebroken door het metselwerk en het staalplaat een verticale geleding te geven en de onderste laag open te werken. Hierdoor ontstaat een extra gelaagdheid in de huid van het gebouw en oogt het geheel levendig. De bovenste laag is opgebouwd uit U-profielen van translucent glas. Deze materialisering zorgt overdag voor prachtige lichtinval in de sporthal. In de avonduren transformeert het gebouw tot een gloeiend baken in het gebied. Door een afronding aan alle hoeken krijgt de sporthal een vriendelijk karakter. Deze afronding draagt ook bij aan het beeld van een intergraal ontworpen, homogeen object dat zich duidelijk manifesteert in haar omgeving, maar ook ingetogen overkomt.

Door de hoekverdraaiing van het gebouw ten opzichte van de parkeerplaats ontstaat voor de sporthal een openbaar plein. Hierdoor krijgt de entree meer ruimte waardoor hij het beste tot zijn recht komt. De positie van de entree wordt mede bepaald door het huidige wielerhome dat voor de sporthal staat. Door de entree in de noord-oosthoek van de locatie te positioneren zal deze, ook wanneer het wielerhome gehandhaafd blijft, nog goed zichtbaar gesitueerd zijn aan het plein.

Wie het gebouw betreedt ervaart het achterliggende landschap vanwege een glazen wand die de entreeruimte afsluit. De entreehal is het startpunt van de zone waarin de kleedkamers en ander ondersteunende functies zijn gelegen. Een sportgang aan de linkerzijde zorgt voor een zeer heldere routing. Hier tref je een logische aaneenschakeling van de verschillende functies aan. Bij een eventuele uitbreiding van de sporthal, die aan de westzijde van het gebouw zou kunnen plaatsvinden blijft de basisstructuur van het gebouw gehandhaafd.

We willen het gebouw een frisse uitstraling geven, zodat de bezoekers een ruimtelijk gevoel krijgen wanneer ze zich door het gebouw begeven. Het interieur is dan ook zoveel mogelijk uitgevoerd in lichte kleuren. Deze heldere uitstraling wordt versterkt door op strategische plaatsen in de gevel daglichtopeningen te plaatsen. Zelfs in de kleedkamers treedt daglicht binnen door het semi-doorzichtige glas.

Opdrachtgever: Rottinghuis

Project: 605